Ons beeld van het leven ontstaat lang voordat we het bewust beginnen te onderzoeken. We nemen woorden, verklaringen en overtuigingen in ons op die ons helpen de wereld te begrijpen. Gaandeweg kunnen we ons afvragen: wat weten we omdat het ons is verteld, en wat hebben we zelf leren kennen?

No elements found...
Ons beeld van het leven ontstaat lang voordat we het bewust beginnen te onderzoeken. Als kind leren we woorden voor wat we zien, verklaringen voor wat er gebeurt en ideeën over wie wij zijn. We horen hoe het lichaam functioneert, wat gezondheid betekent, hoe de natuur werkt en welke plek de mens inneemt in de wereld. Zo ontstaat er geleidelijk een samenhangend beeld dat ons helpt om onze omgeving te begrijpen en ons erin te bewegen.
Die verklaringen zijn onmisbaar. Zonder woorden, begrippen en gedeelde kennis zouden we iedere ervaring opnieuw vanaf het begin moeten leren begrijpen. Ze geven structuur aan een werkelijkheid die anders overweldigend en onoverzichtelijk zou zijn. Tegelijkertijd gaan ze al vroeg bepalen wat we opmerken, welke betekenis we eraan geven en welke mogelijkheden we binnen een situatie kunnen zien.
Stel dat we een lichamelijke sensatie ervaren. Nog voordat we bewust bij de sensatie zelf hebben stilgestaan, kan er al een verklaring verschijnen: dit is spanning, dit is vermoeidheid, dit hoort bij mijn leeftijd, dit betekent dat er iets mis is. De verklaring geeft richting aan onze aandacht. We gaan vervolgens vooral waarnemen wat binnen die betekenis past. Andere signalen, nuances en mogelijke verbanden verdwijnen gemakkelijker naar de achtergrond.

Een verklaring geeft richting aan onze aandacht. We gaan vooral waarnemen wat binnen die betekenis past. Andere signalen, nuances en mogelijke verbanden verdwijnen gemakkelijker naar de achtergrond.
Hetzelfde gebeurt wanneer we naar de natuur, naar andere mensen of naar onszelf kijken. Zodra we iets herkennen als een boom, een ziekte, een karaktereigenschap of een probleem, verschijnt er een geheel aan kennis en associaties. We zien daardoor nooit uitsluitend wat zich op dat moment voor ons bevindt. We zien ook wat we hebben geleerd dat het is.
Dat verschil is in eerste instantie nauwelijks zichtbaar. Een interpretatie voelt zelden als een interpretatie. Zij verschijnt als een vanzelfsprekende beschrijving van de werkelijkheid. Wanneer we denken: zo werkt het lichaam, zo zit een mens nu eenmaal in elkaar of dit is onmogelijk, ervaren we dat meestal niet als één perspectief tussen meerdere perspectieven. Het voelt als iets wat vaststaat.
Zo wordt ons wereldbeeld een soort scherm waardoorheen we het leven waarnemen. Dat scherm bestaat uit taal, opvoeding, onderwijs, cultuur, persoonlijke ervaringen en collectieve overtuigingen. Het bepaalt niet alleen hoe we verklaren wat we zien. Het beïnvloedt al wat voor ons zichtbaar wordt en wat buiten onze aandacht blijft.
Ook de tijd en samenleving waarin we leven kleuren dat scherm. Iedere cultuur en iedere wetenschappelijke periode ontwikkelt eigen ideeën over de mens, het lichaam, bewustzijn en werkelijkheid. Verklaringen die in de ene tijd als vanzelfsprekend gelden, kunnen later worden uitgebreid, herzien of losgelaten. Wat wij als vaststaande kennis ervaren, maakt vaak deel uit van een veel groter en voortdurend veranderend onderzoek.
We zien nooit uitsluitend wat zich op dat moment voor ons bevindt. We zien ook wat we hebben geleerd dat het is.
Pas wanneer we ons bewust worden van onze eigen waarneming, kunnen we deze verwevenheid beginnen te herkennen. We merken dan bijvoorbeeld dat een conclusie al aanwezig was voordat we de ervaring werkelijk hadden onderzocht. We zien hoe snel een bekend woord een veel subtielere waarneming vervangt. We ontdekken dat we soms reageren op wat iets volgens ons betekent, terwijl we nauwelijks aandacht hebben gegeven aan wat er feitelijk gebeurt.
Daarmee ontstaat voor het eerst ruimte tussen de ervaring en de verklaring. We kunnen een lichamelijke sensatie voelen voordat we haar benoemen. We kunnen naar een boom kijken zonder direct verder te denken vanuit wat we over bomen weten. We kunnen een gedachte opmerken zonder haar onmiddellijk als waarheid te behandelen. De bestaande verklaring verdwijnt daardoor niet. Zij wordt zichtbaar als een kader waarmee we hebben leren kijken.
Op dat moment kan ook het besef ontstaan dat een verklaring niet per se onwaar hoeft te zijn om onvolledig te zijn. Zij kan waardevolle kennis bevatten en tegelijk slechts een deel van de werkelijkheid beschrijven. Wat wij hebben geleerd hoeft ons levensbeeld daardoor niet voorgoed vast te leggen. We kunnen kennis blijven gebruiken en tegelijkertijd openstaan voor wat onze eigen waarneming eraan toevoegt.
Door dat scherm heen leren kijken betekent dus niet dat we alles wat ons is aangereikt afwijzen. Het betekent dat we herkennen dát er een scherm is. We leren onderscheid maken tussen wat zich in onze ervaring aandient en de betekenis die wij eraan hebben leren geven. Vanuit die bewustwording kunnen we opnieuw onderzoeken wat we denken te weten.
Welke verklaringen helpen ons om het leven werkelijk beter te begrijpen? Welke zijn zo vanzelfsprekend geworden dat we ze niet meer als verklaringen herkennen? En wat zou er zichtbaar kunnen worden wanneer we onszelf toestaan opnieuw te kijken?

Blijf verbonden met Het Levende Boek en met alles wat rond de essays verder groeit.
Als meelezer ontvang je af en toe een nieuw hoofdstuk, een gedachte om bij stil te staan, een vraag om zelf verder te onderzoeken of een uitnodiging voor een gesprek of ontmoeting.
Je kunt eerst rustig meelezen en gaandeweg ontdekken op welke manier je betrokken wilt zijn. Je ontvangt iets wanneer er werkelijk iets te delen is. Ook kun je jezelf op ieder moment weer uitschrijven.